Scheepstypen >> schoeners
de
Schoener : schoeners in de chartervloot
Het woord schoener komt waarschijnlijk van het engelse werkwoord to scoon
wat scheren over het water betekent. De schoener is in de 18e eeuw ontwikkeld,
het is een snel, langscheeps getuigd zeilschip van Amerikaanse oorsprong.
De schoener kan 2 tot 6 masten hebben.
Een schoener is een snelle langsscheepsgetuigde zeiler van Amerikaanse
oorsprong. Bij tweemasters is de achterste mast het hoogst en bij driemasters
meestal de middelste. Dit is een gebruikelijke en goede beschrijving.
Toch is het oorsprongverhaal iets ingewikkelder, want schoenerachtigen
worden in de Nederlanden al omstreeks 1620 op prenten aangetroffen.
De tuigage had het voordeel dat er met minder bemanning gevaren kon
worden dan bij de gebruikelijke vierkanttuigage en bovendien was zo'n
schip zeer loefwaardig. Het ziet er naar uit dat de Hollandse kolonisten
de grondvorm in Amerika introduceerden, waarna de tuigage in eerste
instantie voor de kaapvaart en smokkelarij werd toegepast op de smalle
Bermudasloepen (Jamaicasloepen). Het werd het prototype voor de eerste
schoener in 1736. Het handzame en vooral snelle concept voldeed zo goed
dat er ruime toepassing kwam in handelsvaart, visserij en marine.
Hieronder zie je 4 verschillende soorten schoeners :
Gaffelschoener
Een snelle langsscheepsgetuigde zeiler
van Amerikaanse oorsprong. Bij tweemasters is de achterste mast
meestal het hoogst. De naam komt van het gaffeltuig, d.w.z. het
zeil hangt aan een schuin omhoog wijzend rondhout, de gaffel.
Driemastschoener
De driemaster heeft masten van gelijke hoogte, of de middelste is
hoger. Vooral op de ruimere koersen is de schoener snel. Bij deze
afbeelding worden boven de gaffelzeilen topzeilen gevoerd.
Topzeilschoener
De topzeilschoener voert een of twee razeilen boven het voorste
schoenerzeil. Dit zeil, ook wel voorzeil is onderaan de fokkenmast
bevestigd. Op de afbeelding wordt aan de steng, naast het topzeil
ook een bovenvlieger gevoerd.
Driemasttopzeilschoener
Alleen aan de voorste (fokken)mast razeilen. De andere masten
zijn langsscheepsgetuigd. De zeilen van fokkenmast naar boegspriet,
botteloef of kluiverboom heten kluivers en het zeil daarachter een
stagzeil. Elk zeil heeft overigens een eigen benaming.
Bron : vaartips.nl
Kijk meteen eens naar alle schepen :
DE SCHEPEN !